Innerlijk ja of nee?

Keuze, trauma, welzijn, 3 principes

We maken allemaal keuzes in het leven; Welke kleren doe ik vandaag aan? Wat wil ik eten als ontbijt? Ga ik vandaag met de trein naar het werk of met de auto? Allerlei vragen in ons dagelijks leven die heel van vanzelfsprekend zijn. We volgen veelal een gevoel, van innerlijk ja of nee. Maar waaruit komt dit ja of nee voort? En wat zou de invloed zijn van onze opvoeding op deze innerlijke ja of nee? Of school? Of de geloofsgemeenschap? Hoe we naar de wereld kijken is onze eigen blik. Of ik het normaal vind om met mes en vork te eten, is mijn perceptie. In andere culturen zien ze dit anders, en eten ze met hun handen of met stokjes, en is dat normaal. Zo worden we door de sociale structuur gevormd, en vinden we dingen normaal en niet normaal. Ook speelt de sociale structuur een rol in of we dingen wel of niet doen. Zo is het normaal binnen groepen in Afrika dat je je behoefte in de bosjes ergens doet, terwijl dit hier echt ‘not done’ is. En stel dat iemand wel in de bosjes zou zitten dan wordt deze persoon meteen beplakt met ‘gestoord’.

Niet alleen binnen cultuur is gedrag verschillend ook door de jaren heen verandert ons gedrag. Zo was het rond 1900 nog heel normaal dat je op school geslagen werd. Maar vinden we dit nu niet meer normaal. Wat is nou eigenlijk normaal? En wie bepaald wat normaal is? Ik ga er geen antwoorden op geven, je mag er lekker zelf over nadenken.

We worden dus nogal beïnvloed door anderen op onze keuzes, uiteraard is dit onbewust. Want we groeien gewoon op met onze ouders die we heel normaal vinden, we weten immers niet beter als we klein zijn. We maken mooie herinneringen met onze ouders en minder mooie herinneringen. Deze herinneringen beïnvloeden weer onze keuzes. Zo kan een kind dat zich veilig voelt veel sneller dingen in de wereld ontdekken dan een kind dat zich minder veilig voelt.

Een kind dat geslagen wordt door zijn vader gaat tijdens zo’n ervaring in stresstoestand, overleving; vechten, vluchten of verstijven. Hier gaan niet alleen gedachten door het hoofd van een kind, maar een heel scala aan stresshormonen doen zijn werk, om te overleven. Zo kan een kind dat de ervaring heeft dat zijn vader ’s avonds stampend de trap op komt en hem komt slaan, getriggerd worden door het geluid van stampende voetstappen. Het geluid wordt een trigger, meteen gaat het stresssysteem aan, en alle chemische processen gaan in actie. Zelfs al is er in het huidige moment geen gevaar.

Zo hebben we allemaal momenten opgedaan in ons leven, waar we bang waren, of verdrietig, eenzaam en pijn ervoeren. Deze momenten kunnen van invloed worden op onze huidige keuzes en gedrag. Liever willen we niet herinnert worden aan wat pijn doet, of ons bang en verdrietig maakt. We bedenken allerlei strategieën om deze pijn, angst of verdriet niet te hoeven voelen. Bijv. gaan we lekkere dingen eten om onszelf te troosten, nagelbijten, of we denken dat koffie ons helpt. Of in extremere gevallen gebruiken we drugs, seks of een eetstoornis, om te vluchten van deze pijnen.

Maar ook kunnen we enkel een simpel ‘bluh-gevoel’ ervaren, waar we niet van weten waar het vandaan komt. We denken dat onze gewoontes ons houvast geven, zo hoor ik mensen wel eens zeggen. “Maar ik heb nog geen koffie op” dus dan ben ik chaggie? want dat heb ik nodig… Veelal overtuigingen die voortkomen uit gedrag wat we onszelf hebben aangeleerd.

Soms zeggen we ‘ja’ tegen dingen, soms zeggen we ‘nee’. We hebben gezien dat onze pijnlijke (jeugd)ervaringen, cultuur, en opvoeding invloed hebben op onze keuzes. Maar waar wil jij werkelijk ‘nee’ tegen zeggen en doe je dat niet? Of wilde je ‘nee’ zeggen en deed je dat niet. Wat is de impact van dat je eigenlijk geen ‘nee’ zegt? Welk verhaal vertel je jezelf dat er zou gebeuren als je wel ‘nee’ zou zeggen? Wie zou je zijn als je ‘nee’ kon zeggen tegen dat waar je werkelijk ‘nee’ tegen wilt zeggen? En waar zeg je geen ‘ja’ waar jij dat wel graag wil?  Lees niet te snel deze vragen voorbij maar onderzoek het eens in jezelf. Je kunt vele situaties zo voor jezelf uitwerken. Deze vragen helpen namelijk je overlevingsstrategieën en pijnen te ontmantelen. Ze helpen je werkelijk vrij te zijn in de keuzes die jij wilt maken. Want ondanks alle sociale druk, al je ervaringen, triggers en gedachten, mag jij kiezen voor jouw ja of nee. Je bent zo vrij als je jezelf de vrijheid geeft.

Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn